Welke talen leren Nederlanders het makkelijkst?

Welke talen leren Nederlanders het makkelijkst?

Op elke middelbare school worden verschillende vreemde talen gegeven. Naast Engels, Frans en Duits kan er vaak ook Spaans gevolgd worden. Maar scholieren zijn niet de enige die een taal moeten en willen leren. Zo wordt er bijvoorbeeld vaak verwacht dat internationale ondernemers bepaalde talen vloeiend spreken. Het is de ene taal sneller opgepikt wordt dan de andere. De vraag is: welke taal leren wij als Nederlanders het snelst en waarom?

Moedertaal

De eerste taal van de spreker heeft het meeste invloed op het taalgebruik. Daarom is het niet zinvol om een generaliserende uitspraak te doen over het leren van een taal. Over het algemeen is het zo dat; hoe meer de vreemde taal op de moedertaal lijkt, hoe sneller je de vreemde taal onder de knie hebt. De relatie tussen beide vocabulaires, toongebruik, zinsopbouw en cultuur hebben invloed op de snelheid van leren.

Symbolen

Vanzelfsprekend bestaat een taal uit twee onderdelen: spreektaal en schrijftaal. Bij het leren van een vreemde taal heeft de schrijftaal inwerking op het leerproces. Hoe meer symbolen hetzelfde gebruikt worden als in de eerste taal van de spreker, hoe voorspoediger het leren van de nog onbekende taal gaat.

Goed om te weten is dat een onbekend geschrift of een ander gebruik van symbolen een taal niet per definitie gecompliceerder maakt. Het beheersen ervan is enkel een grotere uitdaging. Er moet een nieuw onderdeel van de taal worden aangeleerd, er komt simpelweg een nieuw aspect bij kijken.

Toontalen

In elke taal maakt men gebruik van ritme, melodie en intonatie. Zo zijn er "toontalen" en "ritme-talen". Wanneer de moeder taal en de te leren taal overeenkomen, gaat het leerproces sneller. Duits, Engels, Spaans en Nederlands zijn ritme-talen. Deze talen klinken streng, voor bepaalde culturenzijn de klanken luid of zelfs agressief. Toontalen zijn subtiel. Door verkeerde intonatie ofwel stembuiging maak je fouten. Goede voorbeelden van toontalen zijn Chinees, Japans en Koreaans.

Moeilijk voor Nederlanders

Welke talen zijn voor Nederlanders nou écht heel moeilijk om te leren? Zoals hierboven beschreven staat, zijn dat de talen die het meest afwijken van onze moedertaal en de talen die al beheersen. Voor Nederlanders zijn dat vrijwel altijd de hierboven beschreven "toontalen".

Het leren van deze vreemde talen kost meer tijd en vergt finesse en subtiliteit van de spreker, iets wat niet altijd natuurlijk is voor de Nederlander. Daarnaast heb je in bepaalde gevallen ook te ook te maken met een ander symbool gebruik. Voorbeelden zijn: Russisch, Arabisch en Chinees. Het duurt gemiddeld 44 weken en 1110 lesuren om dit soort talen onder de knie te krijgen.

Zonder moeite!

Eigenlijk is het antwoord op de vraag vrij simpel. Talen die je snel onder de knie hebt zijn talen die weinig afwijken van je eerste taal. De intonatie, het symboolgebruik en de grammatica komen immers sterk overeen. Voorbeelden hiervan zijn: Duits, Engels, Frans en Spaans. Maar als Nederlander kan je ook relatief snel Zweeds en Deens leren. De "makkelijke talen" zijn in gemiddeld 23 weken en 575 lesuren te beheersen.

Al met al heeft het leren van een taal te maken met het referentiekader van de betreffende persoon. Natuurlijk is inzet en taalgevoeligheid ook van belang, naast het niveau van de lesstof. Het beheersen van vaktaal kost echter meer tijd dan de bovenstaande gemiddelden en vereist expertise.


Dit artikel is uw aangeboden door Perfect Vertaalbureau.

0 reacties

Er zijn nog geen reacties geplaatst.


Voeg jouw reactie toe